top advocaten

Top Advocaten

De beste advocaten van Nederland


Fiscaal recht


Onder de term belastingrecht (of fiscaal recht) wordt verstaan het geheel aan regels over de heffing en de invordering van belastingen.

Europees fiscaal recht

De douanewetgeving in de Europese Unie wordt voor alle lidstaten rechtreeks geregeld door het communautair douanewetboek. De rechtstreekse werking van het Europese douanerecht wordt bewerkstelligd doordat het recht is vervat in rechtstreeks werkende Europese verordeningen.



Daarnaast kan de rechtstreekse werking van het Europees recht ook zijn invloed hebben op andere belastingen. Met name het verbod op discriminatoire beperkingen van de vrijheden van personen, diensten en goederenverkeer kan op deze wijze doorwerken in het nationale belastingrecht, en zelfs in het internationale belastingrecht.

Voorbeeld: Land A is EU lidstaat en belast migranten die naar een andere EU-lidstaat verhuizen in het jaar van migratie voor inkomsten die normaal gesproken onbelast zijn. Dit is een discriminerende belemmering die strijdig is met de vrijheden van het Europees Verdrag die uitgewerkt zijn in diverse richtlijnen. Wanneer een emigrant de belasting niet wil betalen en zich voor de rechter hierop beroept, zou dit tot een prejudiciele vraag kunnen leiden. Het Europees Hof van Justitie kan dan deze regel strijdig met het Europees recht verklaren. De rechter en overheid van land A mogen deze regel vanaf dat moment niet meer toepassen.

Nederlands fiscaal recht

Belastingrecht is een onderdeel van het bestuursrecht. Belastingen worden altijd uit hoofde van een wet in formele zin geheven. Dat wil zeggen dat het Nederlandse parlement zich over alle belastingen heeft uitgelaten. De uitvoering van de belastingwetten is overgelaten aan de belastingdienst. De belastingdienst heeft diverse functies. Niet alleen moeten zij de belastingwetten uitvoeren en dus bijvoorbeeld vaststellen hoe hoog de belastingschuld van een belastingplichtige is, maar zij moet ook de belastingschulden innnen. Deze verschillende functies ziet men dan ook terug binnen "de Dienst". De uitvoering van de belastingwet is overgelaten aan de inspecteur en het innen van de belastingschulden aan de ontvanger.

Belastingheffing

De heffing van rijksbelastingen wordt geregeld in belastingwetten. Voor vrijwel elke soort belasting is er een aparte wet. De bekendste zijn de Wet op de inkomstenbelasting 2001, de Wet op de loonbelasting 1964, de Wet op de omzetbelasting 1968 en de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. Deze wetten worden wel heffingswetten genoemd. Daarnaast zijn er twee overkoepelende wetten, namelijk de Algemene wet bestuursrecht en Algemene wet inzake rijksbelastingen. Daarin staan algemene regels die voor de heffing van (nagenoeg) alle rijksbelastingen gelden. Deze regels gaan onder meer over de verplichting tot het doen van aangifte en tot het beantwoorden van vragen van de belastinginspecteur, de manier waarop en de termijn waarbinnen belastingaanslagen moeten worden opgelegd en hoe en binnen welke termijn een bezwaarschrift kan worden ingediend tegen een belastingaanslag. Naast al deze wetten vormen internationale verdragen, rechtspraak van de belastingrechter en vele beleidsregels van de Staatsecretaris van FinanciŽn belangrijke rechtsbronnen van het belastingrecht.

Directe en indirecte belastingen

De verschillende belastingen die we kennen zijn te verdelen in directe en indirecte belastingen. Directe belastingen zijn belastingen die geheven worden op duurzame toestanden gedurende een bepaalde referentieperiode, bijvoorbeeld de personenbelasting (waarbij iedere rijksinwoner belast wordt op zijn totale inkomen van het afgelopen jaar) of de vennootschapsbelasting. Bij de andere groep, de indirecte belastingen, wordt een kortstondig feit belast. Ter illustratie een voorbeeld. De bekendste indirecte belasting is de BTW, de omzetbelasting (Wet op de omzetbelasting 1968). De omzetbelasting wordt geacht te drukken op de consument; hij betaalt een hogere prijs voor het door hem afgenomen product. De consument is de belastingplichtige. Het is echter de winkelier, de inhoudingsplichtige, die de belasting vervolgens afdraagt aan de fiscus. Andere voorbeelden van indirecte belastingen zijn accijnzen en douaneheffingen.

Invordering van belastingen

De invordering van belastingen is geregeld in de invorderingswet. In deze wet zijn onder meer geregeld de betalingstermijnen die gelden voor de verschillende belastingaanslagen en de dwangmiddelen die de ontvanger der belastingen kan toepassen. Zo kan de ontvanger beslag laten leggen op het salaris of de bezittingen van een belastingschuldige en kan hij derden aansprakelijk stellen voor een belastingschuld. Bekende voorbeelden van een dergelijke aansprakelijkheid zijn de ketenaansprakelijkheid in de bouwwereld en de bestuurdersaansprakelijkheid voor directeuren van vennootschappen.